Pro Slider®

Tijdens de slaap ontspannen de keelspieren en zakt de tong naar achteren. De luchtweg vernauwt. Tijdens het inademen kunnen de weke delen van de mond- en keelholte gaan trillen, waardoor er snurkgeluiden ontstaan. Bij ernstige vernauwingen kan de luchtweg zelfs volledig worden afgesloten en treden er tijdelijke ademstilstanden (apneus) op. Deze slaapstoornissen komen meer voor bij mensen met een beperkte doorgankelijkheid van de neus- en keelholte (b.v. als gevolg van grote amandelen). De problemen verergeren vaak door overgewicht, roken, verkoudheid, gebruik van alcohol, slaapmiddelen en slapen op de rug.

Gevolgen:

Hinderlijke snurkgeluiden voor de partner, onrustige slaap (halfwakker), overdag schijnbaar zonder oorzaak moe en slaperig, kort lontje, vergrote kans op hart- en vaataandoeningen.

Onderzoek:

Tijdens een slaaponderzoek (polysomnografie) registreert de longarts met speciale apparatuur hoe erg het snurken is en hoeveel ademstilstanden per uur (AHI = Apneu/Hypopneu-Index) er zijn. Ook meet men de ademhaling, hartslag, bloeddruk en het zuurstofgehalte in het bloed tijdens het slapen. De KNO-arts kan onderzoeken of er neus- en keelafwijkingen zijn.

Behandelingsmogelijkheden snurken en OSAS (Obstructieve SlaapApneu Syndroom):

Lichte / matige ernstige OSAS ( AHI<30):

Ernstige gevallen (AHI>30):

MRA

Een MRA brengt de onderkaak en de tong naar voren. De keelholte vergroot hierdoor met als gevolg verbeterde luchtpassage en uiteindelijk minder snurken. Voor mensen met een kunstgebit is het apparaat niet geschikt.

Het maken van een MRA

Onderzoek van de mondholte: afdrukken, het maken in stappen door een laboratorium, plaatsing en nacontroles.

Gewenningsperiode

Eerste maanden: kaakspieren gespannen en moe gevoel in de kaken. Het gebit past tijdelijk niet goed op elkaar. In de loop van de ochtend verbetert dit. Ook kunnen tanden, kiezen en het tandvlees gevoelig zijn. Er ontstaan soms drukplekken achter de ondertanden en aan de binnenzijde van de onderkaak omdat de beugel de onderkaak daar naar voren duwt. Sommige patiënten hebben ’s nachts een verhoogde of verlaagde speekselafgifte. Bij goed doorzetten nemen de ongemakken geleidelijk af. Na verloop van tijd gaat het apparaat beter passen en losser zitten. Dat laatste is absoluut niet erg. Een MRA houdt ook de onderkaak bij het openvallen van de mond tijdens de slaap naar voren. Mocht het apparaat al te los gaan zitten en er ’s nachts vaak uitvallen dan kan de orthodontist dit eventueel bijstellen.

Mogelijke bijwerkingen

Een MRA heeft weinig nadelen en bijwerkingen. Behandeling met een MRA leidt bij zo’n tweederde van de patiënten tot goed slapen zonder snurken. Vooraf is echter niet te voorspellen of men last krijgt en in welke mate de beugel zal werken. Er is nu reeds tien jaar ervaring met behandeling van snurken en slaapapneu met een MRA. Onderzoeksresultaten geven aan dat men er op langere termijn rekening mee moet houden dat de stand van het gebit iets kan veranderen. Ook kunnen gebitselementen tijdens het dragen van een MRA (door tandenknarsen e.d.) ’s nachts wat afslijten. Soms kunnen patiënten last van kaakgewrichtsklachten krijgen. De rol van een MRA bij het optreden van dit soort problemen is meestal onduidelijk. Veel van deze problemen kunnen namelijk ook zonder het gebruik van een MRA ontstaan. De patiënt zelf is verantwoordelijk voor de gevolgen van deze en mogelijke andere bijwerkingen van de beugel.

Voor eventuele vragen over dit product kunt u ons bellen op Tel: 040-2413969 en vragen naar Frans Klaasen.
Of u stuurt een e-mail naar ortholabzuid@planet.nl en wij zullen uw vraag z.s.m. beantwoorden.